mengen-en-roeren-1

Leder, huiden en bont


Het looien van de ruwe huid tot een goede kwaliteit leder is een zeer tijdroovend proces en kost veel werk. De verschillende soorten huid eischen een zeer ver uiteenloopende behandeling. Na het eigenlijke looien, waardoor de huidsubstantie niet meer aan bederf onderhevig is, moet het leder nog nabehandeld worden voor het tot gebruiksvoorwerpen verwerkt wordt. Deze nabehandeling hangt natuurlijk geheel van het doel af waarvoor het leder gebruikt moet worden.

Looien met natuurlijke looistoffen

Het voorbereiden van de huid of het vel moet zoo spoedig mogelijk na den dood van het dier geschieden. Indien mogelijk laat men de huid een nacht liggen, zoodat het vel door en door koud geworden is. Indien men niet onmiddellijk met het looien wil beginnen wordt het vel eerst gezouten; goed gezouten kan een huid 3 tot 5 maanden goed blijven. Een paar dagen zouten is steeds goed, vele looiers beweren, dat het inzouten het looien vergemakkelijkt.
De hoeveelheden, die later aangegeven worden, gelden voor een huid van een koe van ongeveer 20 tot 30 kg of voor kleinere huiden die samen zooveel wegen.

De huid moet nu voor het looien geprepareerd worden. Eerst maakt men een hoeveelheid versche kalkmelk door 3 tot 4 kg ongebluschte kalk in een houten vat van 20 tot 30 l te blusschen.

Men voegt eerst ongeveer een liter water bij de kalk en vervolgens meer in kleine hoeveelheden; wanneer de kalk geheel gebluscht is voegt men nog 10 l water toe.

Van de gezouten huid verwijdert men nu het zout en snijdt alle overbodige en onbruikbare stukken weg. Een groote huid wordt in de lengte doorgesneden, precies in het midden van den kop tot den staart; bij kleine huid is dit niet noodig. Zeer groote huiden kan men in de lengterichting eventueel nog eens doorsnijden, hiertoe snijdt men het buikleder van het rugleder af.

Een houten kuip met een inhoud van 200 l vult men nu met schoon water en hangt de huiden met den vleeschkant naar buiten over een stok eenige uren in het water. Men roert van tijd tot tijd om bloedresten, vuil en zout van de huiden los te maken en te verwijderen. De huid wordt na ongeveer 3 uur uit het water gehaald en nu met een stijven borstel goed schoon gemaakt. Men neemt hiervoor een gladde houten plank, 30 tot 40 cm breed en ongeveer 2 m lang, die men schuin ergens tegen plaatst. De huid legt men op deze plank met den vleeschkant naar beneden en men kan den haarkant nu gemakkelijk bewerken. Bij het afborstelen wordt telkens met schoon water afgespoeld. Nu draait men de huid met den vleeschkant naar boven en schraapt met een bot mes alle vleeschresten af.

De kuip wordt opnieuw met schoon water gevuld en men laat de huid of huiden zoo lang onder telkens omwerken in het water tot de huid zacht en soepel geworden is. Dit duurt van 12 tot 48 uur. Hierna wordt de huid nog eens nagezien en zorgvuldig worden de laatste resten vet en vleesch verwijderd. Ook wanneer schijnbaar alles weg is moet de binnenkant nog eens met den rug van een mes afgeschraapt worden. Deze voorbereiding kan men niet precies genoeg uitvoeren. Hierop volgt nu de behandeling met kalk.

HEBBEN

leerlooierij
Strak opgespannen huid, klaar om verder te bewerken, zoals het verwijderen van haar en achtergebleven vleeschresten.

De houten kuip wordt schoongemaakt en met water en de kalkmelk gevuld. De huiden hangt men weer over stokken of touwen in het kalkwater, zoodat ze geheel onder de vloeistof komen; de haarzijde komt naar boven. Men moet er voor zorgen dat de huiden zoo weinig mogelijk gevouwen zijn en dat er geen luchtbellen onder het vel zijn. De kuip wordt toegedekt en men roert het kalkwater drie of vier keer per dag om. Men laat de huiden nu zoo lang in de kalk tot de haren gemakkelijk loslaten. Dit duurt gewoonlijk in den zomer 6 tot 10 dagen en in den winter tot 16 dagen.

Men moet de haren met de handen er af kunnen wrijven. Het is niet voldoende dat men ze gemakkelijk uit kan trekken, ze moeten weggewreven kunnen worden.

Voor het ontharen legt men de huiden weer over de plank met den haarkant naar boven en schraapt het haar met den botten kant van een mes af. Wanneer de huid lang genoeg in de kalk was, gaat hierbij een kaasachtig laagje van de huid mede; wanneer dit niet het geval is, moet de huid weer in het kalkwater terug.

Nadat men het haar zoo goed mogelijk verwijderd heeft gaat de huid weer in de kalk tot men ook de fijnste haartjes gemakkelijk verwijderen kan. Nadat alle haren verwijderd zijn bewerkt men de huid met een stomp gereedschap, waarmede men de kalk zoo goed mogelijk uit de huid wegwrijft. Hiermede verwijdert men ook nog vet- en vuilresten.

De huid wordt nu omgekeerd en men bewerkt de vleeschzijde op dezelfde wijze en verwijdert hier de laatste resten van het vleesch en vlies. Men schaaft af tot de huid zelf, zonder deze echter te beschadigen.

Nu is de huid klaar voor het eigenlijke looien, dat met eikenschors met chroomaluin of met gewone aluin kan geschieden.

De resten van het kalken kunnen met de kalk zelf als mest gebruikt worden. Het haar kan men zuiveren en wanneer het geheel schoon is voor het vullen van kussens en stoelzittingen gebruiken.

leerlooien
Opgespannen huiden in een leerlooierij
Voor het looien met schors moeten de huiden nu nog ontkalkt worden. Men wascht ze eerst 6 tot 8 uren in schoon water en hangt ze dan in een oplossing van 150 g zuiver melkzuur in 150 l water. Men laat de huiden 24 uur in dit verdunde melkzuur, waarbij men dikwijls omroert en de huiden dikwijls beweegt. De huiden neemt men na 24 uur uit het zuur en bewerkt ze weer opnieuw op de plank om het zuur zoo goed mogelijk te verwijderen. Tenslotte spoelt men ze in schoon water eenige malen uit en hangt ze tenslotte weer een nacht in geheel schoon water.

Ongeveer 3 weken voor de huiden zoover zijn, mengt men 15 tot 20 kg goed gemalen eikenschors met 80 l kokend water en laat de schors ongeveer 3 weken trekken. De looioplossing mag niet met ijzer in aanraking komen, alles geschiedt dus in houten kuipen, Het water moet zeer zuiver en zacht zijn, men neemt het beste schoon regenwater.

Wanneer de huiden nu zoover voorbereid zijn filtreert men het bastaftreksel door een groven zak. spoelt den bast nog een paar maal met schoon water uit en doet alles in de looikuip. De huiden hangt men nu weer over stokken in de looi-oplossing, zoodat ze goed ondergedompeld zijn en niet in plooien hangen. Aan de looioplossing voegt men 2 l gewone azijn toe.

De huiden moeten gedurende het looiproces van tijd tot tijd bewogen worden, zoodat alle deelen gelijkmatig met de looistof in aanraking komen en dus een gelijkmatige kleur verkrijgen. Men zet nu weer een nieuwe hoeveelheid van 15 tot 20 kg eikenbast in 80 l kokend water om af te trekken.

Na ongeveer 10 tot 15 dagen hebben de huiden een gelijkmatige kleur gekregen en nu neemt men 20 l vloeistof uit de looikuip weg en vervangt ze door 20 l versche looi-oplossing waaraan men 2 l azijn toevoegt. 5 dagen later neemt men weer 20 l vloeistof uit de looikuip weg en vervangt ze door 20 l versche oplossing, nu echter zonder azijn en herhaalt dit tot de 80 l geheel verbruikt zijn.

Het looiproces kan men het beste controleeren door van tijd tot tijd van de punt van een huid een klein stukje af te snijden. Ongeveer na 35 dagen moet men in de huid, van beide kanten komend, een donkere streep kunnen zien. Als de huiden zoover zijn neemt men weer 20 kg eikenschors en bevochtigt ze met zoo weinig mogelijk kokend water, juist zooveel als de schors opneemt. De huiden neemt men nu uit de looikuip en doet de natte schors in de looi-oplossing. De huiden hangt men dan weer in de looikuip zoodat ze geheel met de schors bedekt zijn en zoo goed mogelijk hiermede in aanraking komen. De huiden blijven hierin ongeveer 6 weken.

Wanneer men nu een stukje huid afsnijdt ziet men dat de looistof bijna geheel tot het midden van de huid doorgedrongen is. Nu giet men de helft van de vloeistof weg en vult de kuip met versche fijn gemalen eikenschors. De huiden komen weer in de kuip terug en blijven hierin tot ze geheel door en door gelooid zijn. Dit duurt nog ongeveer 2 maanden. Gedurende dezen tijd voegt men van tijd tot tijd nog versche schors en water toe, al naarmate dit noodig is. Het looien duurt zoolang tot het leder binnenin geen lichte laag meer heeft.

In dit stadium is het leder voor de meeste doeleinden gaar, voor zoolleder moet het nog twee maanden verder gelooid worden.

Leder dat voor het maken van paardentuig en drijfriemen bestemd is, wordt nu met water goed schoon gewasschen en men borstelt de haarzijde met een harden borstel en heet water goed schoon. Met een gladhout bewerkt men de haarzijde zorgvuldig, vooral wanneer het leder tot tuig verwerkt moet worden.

Terwijl de huiden nog vochtig zijn, doch niet zeer nat, smeert men ze met klauwenolie of traan goed in. Hierna hangt men het leder buiten op om het langzaam te laten drogen.

Nu volgt nog de laatste bewerking. De huiden worden door aanvochten en bewerken elastisch gemaakt en met een zalfachtig mengsel van traan en talk of klauwenolie en talk goed ingewreven.

Eventueel wordt deze bewerking herhaald en wrijft men het leder ook aan den vleeschkant iets met vet in. De overmaat vet wordt met het gladhout weggewreven en het vettige aanvoelen kan men verwijderen door het leder met droog zaagsel goed af te wrijven.

Indien het leder zwart moet worden, moet men het voor het invetten verven. Men lost hiertoe 15 g in water oplosbare rugresine in ¾ l water op, voegt een paar druppels ammoniak toe en wrijft hiermede het natte leder gelijkmatig in. Hierna wordt op de gewone wijze ingevet.

Voor zoolleder wascht men het leder zooals het uit de looikuip komt, goed af, laat drogen tot het nog iets vochtig is en vet het dan goed in.

Men kan de zolen van schoenen geheel waterdicht maken door de schoenen met de nieuwe zolen in een pan met gesmolten vet te zetten. Het vet mag slechts goed handwarm zijn. Geschikte vetmengsels hiervoor zijn de volgende:
Neutraal wolvet 8
dl
Gele vaseline 4
dl
Paraffine 4
dl

Vaseline 16
dl
Bijenwas 2
dl

Rundvet 12
dl
Traan 4
dl
HEBBEN

Hfst.12 - Leder, Huiden en Bont
Looien met natuurlijke stoffen
Leder, huiden en bont [2]
Chroomleder - Looien met aluin - Lederemulsie - Eiwitappretuur voor licht gekleurd leder - Bloedalbumine-appretuur - Caseïne - Cellulose-appretuur - Schellak-appretuur - Was-peiment-appretuur
Leder, huiden en bont [3]
Kunstlederlak - Ledervulsel - Zwartsel voor leder - Riemenvet - Lederen riemen keuren - Basische kleurstoffen voor leder - Verven van leder - Zolen impregneeren - Ledervet - Leder tegen krassen beschermen - Ledervet - Witte schoenpasta - Vloeibaar schoenwit - Schoencrême - Verzeepte schoencrême - Neutrale schoencrême - Kalfsleder reinigen - Vetleder reinigen - Leder reinigen - Handschoenreiniger - Peau de Suède reinigen - Leder-appretuur verwijderen - Vlekken verwijderen - Meeldauw in leder - Schoenen waterdicht maken - Bont bleeken

De inleiding is van belang voor het gehele boek, sla deze dus niet over
Inleiding

Belangrijk

Voorkom ongelukken!
Gevaarlijk vergiftige stoffen worden bij het recept aangegeven. Men mag echter nooit vergeten dat alle chemicaliën relatief gevaarlijk zijn. Na het werken met chemicaliën moet men dus in ieder geval de handen wasschen, gedurende het werk mag men met de handen niet aan de oogen komen. Bij het werken met brandbare vloeistoffen mag volstrekt geen vuur in het vertrek aanwezig zijn.

Aanvulling door vindikhier.nl
Beslist lezen!

Op deze website geven wij de oorspronkelijke tekst weer van het boek 'mengen en roeren, verschenen in 1936. Lees vooral de inleiding met onderwerpen als verwarmen (boven waterbad, ofwel au bain-marie) en andere veiligheidszaken. Gebruik beschermende kleding, handschoenen en veiligheidsbril bij het werken met gevaarlijke stoffen.
Sommige recepten of in recepten vermelde stoffen zijn wellicht in onbruik geraakt, niet meer verkrijgbaar, niet meer toegestaan of zelfs ronduit gevaarlijk.
Denk daarbij aan bijvoorbeeld asbest. Maar ook aan gevaarlijke stoffen als arsenicum en strychnine. Ga dus geen recepten namaken zonder kennis van zaken of met gevaarlijke of verboden stoffen. Met andere woorden:

'DON'T TRY THIS AT HOME'

Wij onthouden ons van iedere verantwoordelijkheid, met betrekking tot fouten in de informatie, eventuele schadelijkheid van vermelde stoffen en eventuele schadelijke gevolgen van het werken met deze stoffen of van het opvolgen van de recepten in dit boek. Ons motto is slechts: Laat oude kennis niet verloren gaan.




'Enjoy Life'








disclaimer | w3schools | GFDL | GoodFon.com | pixabay | pexels |pinterest | pxhere.com | unsplash.com
copyright © 2013 -
vindikhier.nl - all rights reserved
under construction